“Triggerfinger zou een speelverbod opgelegd moeten krijgen”, verzuchtte VPRO-presentator Jaap Boots na afloop van een Triggerfinger-show in Club 3 voor 12, “gewoon om het al die duizenden goedbedoelende rockbands niet al te zwaar te maken.” En daarmee vatte hij meteen de essentie samen van de livereputatie waarop Triggerfinger zich reeds een behoorlijk aantal jaren kan steunen: zonder al te veel franjes en dwars door ieders merg en been.
Met een ongeziene energie drukte Vlaanderens hardst rockende trio al een onuitwisbare stempel op het (voornamelijk Belgische) live circuit, lang voordat het in 2004 zijn zelfgetitelde debuut op het publiek losliet. Frontman Ruben Block was zich destijds zeer bewust van de beperkingen die een cd-opname stelt: “een album is en blijft een momentopname; het laat zien dat je die en die nummers op dat moment op een bepaalde manier speelt, terwijl diezelfde nummers een jaar later weer net wat anders klinken. Muziek is voor ons echter een evolutionair proces. Die evolutie valt uiteraard moeilijk op plaat te vatten.”
Het werd in ieder geval een zeer geslaagde momentopname, waarop werd geput uit een rijk muzikaal verleden (denk Led Zeppelin, Creedence Clearwater Revival, Motörhead, ZZ Top, The Pretenders, Deep Purple, Masters of Reality, en andere stelletjes ...